Klimop, ook wel Hedera, kennen we als de altijd groene klimplant die in menig tuin (soms te) welig groeit. De klimop dient in toom gehouden worden, want beklimt alles wat hij op zijn pad tegenkomt.

Ook in zijn rijke geschiedenis wordt Hedera gekoppeld aan mythische figuren en gevoelens van lust en vruchtbaarheid. Zo is het dat de klimop reeds 60 miljoen jaren geleden reeds voorkwam in zijn originele vorm.

Het verhaal van Bacchus

“Zo vertelde men het verhaal van Zeus die op de aarde een vrouw had, een koningsdochter die hij zeer lief had. Zijn echte hemelse vrouw, Juno, merkte zijn bedrog en was daar zeer boos over. Ze verkleedde zich als een arme bedelaarster, ging van de Olympus af en bereikte haar gehate mededingster om die in het verderf te storten.

Vriendelijk vroeg ze: “Ik geloof dat je geliefde de koning der hemelen is, maar hij heeft je bedrogen. Als je je van mijn woorden wilt overtuigen, vraag hem dan in zijn hemelse heerlijkheid voor je te verschijnen”.

De ongelukkige koningsdochter verzonk in gepeins en begon haar man te wantrouwen. Toen hij weer kwam vroeg ze op vriendelijke toon. “Je zegt telkens dat je me bovenal lief hebt, maar als ik je vertrouwen wil zweer me dan dat je alles wat ik vraag zal doen”.

Zeus willigde dit verzoek tenslotte in om haar gerust te stellen. Nauwelijks had hij haar verlangen gehoord of hij verdween met de onzalige gedachte dat geen sterfelijke zijn majesteitelijke verschijning verdragen kon. Maar zij volhardde in haar wens en Zeus die nu nijdig werd trok zijn hemels kleed aan en verscheen in donder en bliksem. En zie, de trouwe geliefde werd ter plaatse gedood en in as veranderd.

Bacchus, haar zoon, werd nu geboren te midden van de vlammen, waarin zijn door Zeus gedode sterfelijke moeder Semele stierf. Alleen de sterfelijke aardbewoners hadden het vuur van de hemel te duchten.

Het godenkind werd terstond door snel opschietende klimopranken, die opschoten uit de zuilen van het paleis en door Zeus opgetrokken om hem te redden, in koele schaduw gehuld en aan de blikken van de jaloerse Juno onttrokken. Vandaar zijn naam, “de door zuilen beschaduwde”.

De gewoonte om de beeldzuilen van Bacchus met klimop te versieren gaf hen de bijnaam van kissophoros, (kissos: de klimop) de klimopdragers.

Zeus had, na de dood van Semele, de knaap aan de Nysiache nimfen, die deze berg bewoonden, toevertrouwd. Dezen hadden, evenals bij zijn geboorte, het klimoploof over de schedel van de berg heen gespreid zodat Juno hem nimmer ontdekken zou.

Van dan af was men er in de oudheid van overtuigd, dat wanneer men ergens klimop in buitengewone rijkdom zag woekeren, daar Bacchus had vertoefd.”

Daarom bleef doorheen de geschiedenis, klimop symbool voor trouwe aanhankelijkheid en het eeuwige leven (altijd groen) en werden graven soms helemaal bekleed met Hedera, om aan te duiden dat het leven altijd verdergaat.

Maar ook bij jonggehuwden werd een krans van klimop gevlochten om de onbreekbare band aan te duiden tussen de geliefden en hun wederzijdse trouw.

 

Nog meer weten over de symboliek van de klimop?

http://www.volkoomen.nl/H/Hedera.htm

Comments are closed.