Camellia’s zijn erg mooie herfstbloeiers en hebben een lang bloeiseizoen.  Ze zijn sierlijk van vorm, zacht van kleur en aangenaam in geur. Als de zomer verdwijnt en de bladeren beginnen te draaien, opent deze camelia  het camelia-seizoen.

Kenmerken

  • Deze bloem wordt nooit groter dan 7-10 cm.
  • De bloemblaadjes variëren van wit tot diep roze.
  • Standplaats: halve schaduw / zonnig
  • Grondsoort: licht zure / humusrijke / goed doorlatende grond
  • Bloeiperiode: febr. – april
  • Wintergroen: ja
  • Winterhard: ja

Soorten

Dit zijn mooie, opvallende groenblijvende struiken die veelal aan het einde van de winter geweldige, weelderige bloemen produceren in de kleuren rood, roze of wit. Er zijn verschillende soorten.

  • Camellia x williamsii ‘Donation’ is een sterk en betrouwbaar soort voor in de tuin of in een grote plantenbak. Vanaf februari draagt hij grote semi-dubbele roze bloemen. Hij houdt het liefst van een plaats in de halve schaduw. Ook de moeite waarde is
  • Camellia japonica. Vooral  roodbloeiende struiken zijn geliefd. Hun bloeitijd valt in het vroege voorjaar (maart-april). Camellia japonica stelt zon op prijs.

Snoeien

Indien nodig licht terugsnoeien na de bloei in mei. Licht terugsnoeien doe je alleen om de vorm van de struik mooi te houden. Knip dus alleen de takken af die de vorm bederven. Bijvoorbeeld een lang doorgeschoten tak of takken die elkaar kruisen. De overige takken laat je staan. Camellia x williamsii soorten kunnen eveneens in het voorjaar, na de bloei in mei, licht teruggesnoeid worden om hun vorm te laten behouden.

De x williamsii soorten en de Camellia japonica soorten, die te groot zijn geworden, kunnen ook drastisch teruggesnoeid worden. Het beste tijdstip voor zo’n flinke snoeibeurt, is net na de bloei van struik, dus aan het einde van de lente of aan het begin van de zomer. Kort de hele struik tot ongeveer 50 cm boven de grond in. Na een drastische snoei zal de camelia in het eerste jaar weinig of geen bloemen produceren.

Verzorging

  • Standplaats niet op het oosten. Bij voorkeur op een noord/westlocatie; uit de wind. Liever in de volle grond dan in een kuip of pot.
  • In de zomer royaal gieten met zacht (kalkarm)water- bij voorkeur regenwater. In de winter uitdroging voorkomen, vooral tijdens en na een vorstperiode.
  • In de zomer niet of weinig in de volle zon laten staan (tegen uitdroging). In de winter geen, of een beetje zon in de namiddag.
  • Camellia houdt niet van vrieskou en kan gemakkelijk vorstschade oplopen bij langdurige matige of strenge vorst.
  • Twee keer per jaar een mestgift is voldoende. In maart en in juni per plant een half handje organische tuinmest.
  • Camelia’s kunnen heel oud worden: er zijn exemplaren bekend van 200 tot 300 jaar oud. Staat je camelia in bloei, schud er dan elke dag eens aan. Zo vallen de bruine, verwelkte bloemen af en ontsieren ze niet langer de plant.

Opmerking plaatsen

Close